2004

In juni vond in Parijs de OSCE conferentie plaats over de relatie tussen racistische-, xenofobe-, en antisemitische propaganda op het internet en haat gerelateerde misdaden. Tachtig procent van de sprekers bestond uit leden van INACH. Meer over de conferentie hier.

Tussen augustus en december 2004 hebben de nieuwe INACH leden uit Moldavië, Rusland, Wit-Rusland, Oekraine, Roemenië en Bulgarije een training gekregen. Een aantal van hen deden in december mee aan de INACH conferentie in Basel, Zwitserland.

Tijdens de OSCE Human Dimensions Implementation Meeting van october 2004 kon worden voortgebouwd op het succes van de OSCE conferentie in juni. We zijn geslaagd in het harmoniseren van verschillende dataverzamelingsmethoden om online discriminatie te bestrijden en vonden bovendien ODHIR bereid om ruimten voor de conferentie, computers en verbindingen voor de training workshops beschikbaar te stellen.

Het centraal electronisch rapportagesysteem (database) is in oktober 2004 als beta-versie in werking gesteld en getest in november en december. Twee maanden later werd de database offcieel beschikbaar gesteld op CD-rom voor de leden van het INACH netwerk.

In november 2004 vond de vreselijke moord op de cineast Theo van Gogh plaats en deed Nederland en andere Europese landen op hun grondvesten trillen. De moord was aanleiding voor anti-fundamentalistische en anti-terroristische sentimenten evenals anti-Moslim gevoelens en daden. Nederland werd overvallen door een golf van akelige incidenten zoals brandstichting in en aanvallen op moskeën en andere Moslim instituties. Politici haalden fel uit tegen terrorisme en fundamentalisme, maar lieten het na om ook de anti-moslim activiteiten te veroordelen. In samenwerking met RADAR (het grootste antidiscriminatiebureau in Nederland) kocht Stichting Magenta een pagina grote advertentie in een nationale krant onder de slogan 'Nederlander uit overtuiging'.    

De advertentie werd ondertekend door diverse Nederlandse organisaties en individuen en riep op tot solidariteit, begrip en respect onder de burgers van Nederland. In de maanden na de moord organiseerde Magenta denk-tanks en bijeenkomsten over de situatie en beantwoorde talloze vragen afkomstig van NGO's uit Europa en daarbuiten.